Wet- en regelgevingIndustrie & productie

Frankrijk breidt amiantcontroleprotocol uit naar 226 alluviale groeves

Graafmachine in een open groeve
IllustratiebeeldPhoto by Abdul Basit via Unsplash

De Franse overheid heeft het protocol voor het opsporen van natuurlijk amiant in alluviale groeves (grindwinning in rivierbeddingen) fors uitgebreid. Een instructie van 3 augustus 2026, gericht aan de prefecten van de betrokken departementen, breidt de verplichte karakterisering uit van 16 naar 226 groeves. Zestig van die locaties gelden als prioritair en moeten uiterlijk in augustus 2027 zijn onderzocht.

Waarom natuurlijk amiant een risico is

Natuurlijk amiant kan voorkomen in bepaalde gesteentesoorten, zoals serpentijn- en ofiolietgesteente, en verspreidt zich via rivieren mee met sedimenten die zich afzetten in grindbanken. Grindwinning in dit soort rivierbeddingen kan daardoor amiantvezels bevatten zonder dat dit aan de oppervlakte zichtbaar is. Wanneer dat materiaal wordt opgegraven, gebroken of gezeefd, kunnen vezels in de lucht terechtkomen; langdurige inademing van asbestvezels staat bekend als oorzaak van asbestose, longkanker en mesothelioom, met een latentietijd die vaak decennia beslaat.

Van 16 naar 226 groeves

Het dossier gaat terug op een eerdere instructie van 22 juli 2024, opgesteld door de Franse directoraten-generaal voor risicopreventie (DGPR), arbeid (DGT), gezondheid (DGS) en mededinging en fraudebestrijding (DGCCRF). Daarin identificeerde de Franse geologische dienst BRGM 23 alluviale groeves, verspreid over 15 departementen in vijf regio’s van Frankrijk (Corsica, Provence-Alpes-Côte d’Azur, Auvergne-Rhône-Alpes, Nouvelle-Aquitaine en Occitanie), als mogelijk amianthoudend. Zestien daarvan (categorie 1) hadden op dat moment een bevestigde aanwezigheid van amiant via geaccrediteerde analyses; bij zeven andere (categorie 2) kon de aanwezigheid niet worden uitgesloten. Met de instructie van augustus 2026 wordt de reikwijdte van dat eerdere onderzoek dus vertienvoudigd, tot 226 groeves.

Protocol en betrokken instanties

Het karakteriseringsprotocol, ontwikkeld door BRGM, omvat onder meer onderzoek naar alle zes gereglementeerde amiantvarianten en analyse van de sedimentaire lagen (zand, leem) waarin het mineraal kan voorkomen. Monsters moeten worden geanalyseerd door laboratoria die geaccrediteerd zijn conform het Franse ministerieel besluit van 1 oktober 2019. Dezelfde vier directoraten-generaal als in 2024 — DGPR, DGT, DGS en DGCCRF — sturen de uitvoering aan, met de prefecten als operationele schakel richting de exploitanten.

Gevolgen voor exploitanten

De uitkomsten van de karakterisering bepalen welke bewakings- en beschermingsmaatregelen exploitanten moeten treffen voor werknemers, omwonenden, milieu en consumenten van de gewonnen granulaten. Voor de 60 prioritaire groeves geldt augustus 2027 als deadline; voor de overige locaties loopt het traject door. Afhankelijk van de bevindingen kan dit uitmonden in een tijdelijke schorsing van de winningsactiviteiten.

Voor EHS-professionals is dit relevant omdat de uitbreiding laat zien hoe een aanvankelijk beperkt, lokaal geacht risico — natuurlijk amiant in delfstoffen — via systematisch geologisch onderzoek kan uitgroeien tot een sectorbreed vraagstuk voor de bouw- en grondstoffenketen. Bedrijven die granulaten uit alluviale groeves betrekken of zelf exploiteren, doen er goed aan na te gaan of hun leveranciers onder de uitgebreide lijst vallen en welke monitoringsverplichtingen daaruit voortvloeien.

Bron: Amiante : le dispositif de prévention étendu de 16 à 226 carrières alluvionnaires, 11 september 2026, https://actuel-hse.fr/content/amiante-le-dispositif-de-prevention-etendu-de-16-226-carrieres-alluvionnaires
Aanvullend onderzocht: Bulletin Officiel du ministère de la Transition écologique (notice instructie 3 augustus 2026), Portail documentation développement durable (instructie DGPR/DGT/DGS/DGCCRF van 22 juli 2024), ecologie.gouv.fr (persbericht “Présence d’amiante dans 16 carrières françaises”)

Scroll naar boven