Nieuwe studies van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) laten zien dat hittestress in zes landen nu al banen en productiviteit kost en tot aanzienlijke economische verliezen leidt. Volgens de ILO raakt de stijgende hitte niet alleen de veiligheid en gezondheid van werknemers, maar ook de productiviteit, bedrijven en de bredere economie. Het grootste risico lopen volgens de organisatie buitenwerk en arbeidsintensieve sectoren, zoals de landbouw, de bouw, de visserij en het transport.
Welke landen zijn onderzocht?
De ILO liet landenstudies uitvoeren in Ethiopië, Ghana, Libanon, de Malediven, Senegal en Sri Lanka. Het onderzoek werd geleid door Andreas D. Flouris en zijn team van de Universiteit van Thessalië in Griekenland, en financieel gesteund door het Climate Vulnerable Forum en de Vulnerable 20 Group of Finance Ministers (CVF-V20), via hun gezamenlijke multidonorfonds. De bevindingen werden op 29 oktober 2026 gepresenteerd tijdens een ILO-evenement.
Wat betekent dit voor banen en productiviteit?
Volgens de ILO-projecties voor 2040, in een scenario met lage uitstoot, kan hittestress in Ethiopië tot 1,78 miljoen voltijdbanen kosten en een jaarlijks verlies aan bruto binnenlands product (bbp) van ongeveer 33,3 miljard dollar veroorzaken. Voor de andere landen noemt de ILO: 550.000 banen en 23,2 miljard dollar bbp-verlies in Ghana, 145.000 banen en 26 miljard dollar in Sri Lanka, 129.000 banen en 10,5 miljard dollar in Senegal, 21.700 banen en 2,6 miljard dollar in Libanon, en circa 2.400 banen en 575,5 miljoen dollar op de Malediven. In scenario’s met hoge uitstoot lopen de verliezen tegen 2060 verder op. Voor twee landen geeft de ILO die cijfers: in Ethiopië 5 à 6 miljoen banen en 79,4 tot 310,3 miljard dollar bbp-verlies per jaar, op de Malediven 5.500 tot 6.100 banen en 1,6 tot 1,7 miljard dollar.
Welke maatregelen stelt de ILO voor?
De ILO pleit voor een combinatie van maatregelen: betere arbeidsveiligheid en -gezondheid, sociale bescherming voor getroffen werknemers, klimaatbestendige economische planning en sociale dialoog tussen overheden, werkgevers, werknemers en gemeenschappen. Marlene Attallah, adjunct-directeur-generaal van het Libanese ministerie van Arbeid, stelde volgens ISHN dat het beschermen van werknemers tegen hittestress niet als een extra last moet worden gezien. Alpha Dia van de Senegalese werkgeversorganisatie Conseil National du Patronat (CNP) noemde sociale dialoog “ons beste instrument om ons aan te passen aan hittestress”.
Context
De nieuwe landenstudies bouwen voort op eerder ILO-onderzoek. Het rapport “Working on a warmer planet” uit 2019 becijferde dat hittestress wereldwijd tegen 2030 al 2,2 procent van alle werkuren kan kosten, gelijk aan 80 miljoen voltijdbanen en 2.400 miljard dollar aan economische schade, bij een opwarming van 1,5 graden. Vooral Zuid-Azië en West-Afrika golden destijds als zwaarst getroffen regio’s, met geschatte verliezen van ongeveer 43 miljoen respectievelijk 9 miljoen banen. De ILO noemde die schattingen destijds zelf al conservatief.
Bron: New ILO Studies Reveal Growing Impact of Heat Stress on Jobs and Productivity in 6 Countries, 30 oktober 2026
Aanvullend onderzocht: ILO-evenement: Heat stress, jobs and productivity: New evidence from six countries, 29 oktober 2026; ILO: Working on a warmer planet: The effect of heat stress on productivity and decent work, 1 juli 2019

