Enquête onder ruim duizend oncologieverpleegkundigen
Een landelijke enquête in Duitsland onder meer dan 1.000 verpleegkundigen op oncologische afdelingen van ziekenhuizen en gespecialiseerde praktijken brengt forse tekortkomingen in de omgang met cytostatica (chemotherapeutica) aan het licht. De resultaten zijn gepubliceerd in het Duitse vakblad Pflegewissenschaft en werden op 2 november 2026 besproken door Haufe Arbeitsschutz. Ongeveer een kwart van de respondenten had geen van de verplichte jaarlijkse opfriscursussen over de veilige omgang met deze kankerverwekkende, mutagene en voor de voortplanting schadelijke geneesmiddelen gevolgd. Meer dan 40 procent gaf aan de veiligheidsrichtlijnen van de eigen werkplek niet te kennen, en slechts ongeveer 60 procent gebruikte de speciale beschermhandschoenen die voor cytostatica zijn bedoeld. In geen van de klinieken waar de deelnemers werkten werden alle aanbevolen beschermingsmaatregelen volledig toegepast.
Lekkende systemen en klachten na de dienst
De enquête brengt ook concrete risicosituaties in beeld. Volgens veel respondenten kwam huidcontact met cytostatica vaak voor bij het toedienen van infusen, doordat gesloten transfersystemen (CSTD’s) onvoldoende werden gebruikt of doordat infuussystemen defect raakten. Een gestructureerd en goed gemonitord veiligheidstoezicht op het personeel ontbrak op veel plaatsen, evenals controles zoals wismonsters om besmetting op te sporen. Meerdere verpleegkundigen meldden na hun dienst klachten als huidroodheid, huiduitslag, hoofdpijn, duizeligheid, haaruitval en veranderingen in smaakgevoel, symptomen die kunnen wijzen op blootstelling aan de stoffen. De onderzoekers pleiten voor strengere wettelijke verplichtingen voor klinieken en praktijken, een actievere veiligheidscultuur, adequate technische en persoonlijke beschermingsmiddelen en regelmatige scholing. Ook vragen zij om consequente naleving van de normen uit de TRGS 525, de Duitse technische regel voor gevaarlijke stoffen in zorginstellingen.
Context
Het beeld uit Duitsland sluit aan bij eerder internationaal onderzoek. Het Amerikaanse arbeidsveiligheidsinstituut NIOSH analyseerde gegevens uit de Health and Safety Practices Survey of Healthcare Workers van 2011, een grootschalige enquête onder Amerikaans zorgpersoneel. Het ging om bijna 2.100 oncologieverpleegkundigen en andere zorgmedewerkers die antineoplastische geneesmiddelen (waaronder cytostatica) toedienden; de studie verscheen in het Journal of Occupational and Environmental Hygiene. Daaruit bleek dat 80 procent niet altijd twee paar chemotherapiehandschoenen droeg en 15 procent helemaal geen handschoenen gebruikte; 4 procent meldde huidcontact met het middel. Ook rapporteerde 42 procent niet consequent een niet-absorberende jas met gesloten voorkant en strakke manchetten te dragen, en 12 procent gaf aan weleens mogelijk besmette kleding mee naar huis te hebben genomen. Richtlijnen van onder meer NIOSH en OSHA bestaan al lang, maar worden niet altijd gevolgd. Volgens NIOSH bestaat er bovendien geen veilig blootstellingsniveau voor kankerverwekkende stoffen.
Voor HSE-professionals wereldwijd laten beide onderzoeken hetzelfde patroon zien: zowel in Duitsland als in de Verenigde Staten bestaan duidelijke regels voor de omgang met cytostatica en andere gevaarlijke geneesmiddelen, maar de naleving op de werkvloer blijft achter. Omdat blootstelling zich kan uiten in aspecifieke klachten zoals hoofdpijn of huiduitslag, is het bestaan van protocollen alleen niet voldoende; het gaat om structurele scholing, functionerende technische barrières zoals CSTD’s, consequent gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en onafhankelijk toezicht dat de naleving daadwerkelijk controleert.
Bron: Arbeitsschutz in der Pflege: Beruflicher Umgang mit Zytostatika: Umfrage deckt Sicherheitslücken auf, 2 november 2026
Aanvullend onderzocht: Healthcare workers aren’t always handling antineoplastic drugs safely (NIOSH/JOEH-onderzoek)

