De Franse regering heeft de sociale partners formeel gevraagd om te onderhandelen over het beleid rond arbeidsverzuim door ziekte. In een brief van 7 oktober 2026 aan de werkgevers- en werknemersorganisaties legt minister Jean-Pierre Farandou drie onderhandelingsthema’s vast. De partners krijgen tot 19 december 2026 de tijd om tot afspraken te komen.
Wat vraagt de regering van de sociale partners?
De saisine-brief benoemt volgens het Franse vakmedium Actuel-HSE drie onderhandelingsassen. Ten eerste moeten werkgevers en werknemers beter werk maken van preventie van verzuim en van de voorbereiding op werkhervatting na een periode van arbeidsongeschiktheid. Ten tweede moeten de parameters van de uitkering bij arbeidsverzuim (indemnisation) worden herzien. Ten derde vraagt de regering de sociale partners om te kijken hoe de betrokken actoren meer verantwoordelijkheid kunnen dragen. De concrete invulling van die assen is aan de sociale partners zelf.
Waarom deze onderhandeling?
De aanleiding is financieel. De regering wil met deze onderhandeling een besparing van 1 miljard euro op jaarbasis realiseren binnen het Ondam, de nationale uitgavennorm voor de gezondheidszorg waaronder ook de uitkeringen bij arbeidsverzuim vallen. De regering stelt daarmee het financiële doel vast, terwijl de sociale partners onderhandelen over de manier waarop dat doel wordt bereikt.
Wat staat er op het spel voor werkgevers en werknemers?
Voor werkgevers kan herziening van de uitkeringsparameters gevolgen hebben voor de kosten van loondoorbetaling bij ziekte en voor de rol van aanvullende verzekeringen. Voor werknemers is vooral de uitkomst van de eerste as relevant: betere preventie en een soepelere terugkeer naar werk zijn gericht op het beperken van verzuim. Hoe de sociale partners deze drie assen precies invullen, bepaalt of de besparing vooral wordt gezocht in preventie of in aanpassing van de uitkeringsparameters.
Context
De onderhandeling komt niet uit de lucht vallen: het ziekteverzuim in de Franse privésector loopt al enkele jaren op. Volgens de WTW-barometer 2026, gebaseerd op gegevens van 3.100 bedrijven met samen ruim 427.000 werknemers, steeg het verzuimpercentage in de privésector van 4,87% in 2024 naar 4,95% in 2025 – het tweede jaar op rij met een stijging. Een werknemer die minstens één keer afwezig was, verzuimde gemiddeld 38 dagen. Werknemers die langer dan 90 dagen afwezig waren (4% van het personeel) zijn goed voor 61% van alle verzuimdagen.
Oplopend verzuim en langdurige uitval zijn geen uniek Frans vraagstuk. Ook in andere Europese landen staat preventie van langdurig ziekteverzuim en begeleiding bij werkhervatting hoog op de agenda, omdat late of mislukte terugkeer naar werk voor werknemers tot langdurige uitsluiting van de arbeidsmarkt kan leiden en voor sociale zekerheidsstelsels tot structureel hogere uitgaven. Beleidsmakers zoeken daarbij doorgaans een balans tussen vroege interventie op de werkvloer, goede medische en arbeidsdeskundige begeleiding, en financiële prikkels voor werkgevers en werknemers om verzuim te beperken zonder dat mensen die daadwerkelijk ziek zijn, tussen wal en schip vallen.
Bron: Négociation sur les arrêts de travail : ce que le gouvernement demande aux partenaires sociaux, 13 oktober 2026
Aanvullend onderzocht: Economie Matin, “L’absentéisme atteint 4,95% dans le privé en 2025” (op basis van de WTW-barometer 2026)

